Experiment met flexibele schooltijden in het basisonderwijs
De overheid wil onderzoeken wat de effecten zijn van flexibele onderwijstijden. Daarom loopt er tussen 2026 en 2030 een experiment waarin basisscholen hun schoolvakanties flexibeler mogen indelen.
Overheid onderzoekt de effecten van flexibele onderwijstijden
De Rijksoverheid wil onderzoeken wat de effecten zijn van flexibele onderwijstijden. Bijvoorbeeld op de onderwijskwaliteit, de continuïteit van het onderwijs en kansengelijkheid. Daarom experimenteert de overheid van 1 augustus 2026 tot en met 31 juli 2030 met flexibele schooltijden in het basisonderwijs.
Basisscholen die meedoen met het experiment mogen hun schoolvakanties flexibeler indelen. Bijvoorbeeld door een vakantie te plannen buiten de vakantieperiodes die de overheid vaststelt. Ook mogen scholen die meedoen vaker een schoolweek van 4 dagen houden. Daarmee ontstaat meer ruimte voor flexibele vakanties. Dit kan interessant zijn voor personeel, ouders en leerlingen.
De overheid gebruikt de resultaten van het onderzoek om een besluit te nemen of de wettelijke eisen voor onderwijstijd aangepast kunnen worden.
Basisscholen kunnen zich aanmelden voor het experiment
Aan het experiment kunnen maximaal 60 basisscholen meedoen. 40 scholen maken deel uit van een interventiegroep en 20 van een controlegroep. Scholen kunnen zich tussen 9 en 30 april 2026 aanmelden en subsidie aanvragen voor het experiment bij DUS-I.
Niet genoeg inzichten uit eerder onderzoek
De overheid deed eerder al onderzoek naar flexibele schooltijden in het basisonderwijs:
- Bij het experiment Ruimte in onderwijstijd mochten basisscholen afwijken van de vastgestelde schoolvakanties. En van het maximum aantal weken met 4 schooldagen in een schooljaar. Dit experiment liep tussen 2020 en 2025.
- Bij het experiment Flexibele onderwijstijden kon een klein aantal scholen ook experimenteren met de schoolvakanties. Dit experiment liep tussen 2011 en 2018.
Aan deze experimenten deed een klein aantal scholen mee. En het onderzoek was vooral gericht op de ervaringen van de scholen en de ouders. De overheid doet nu onderzoek naar een grotere groep scholen en op basis van kwantitatieve data.